Author Archive
Zelfgebakken pizza.
Tomaat, mozzarella, kip, ui, knoflook en verse basilicum. Vers en lekker.
Het gips weerhoudt Tijs er niet van om zelf te snijden. In de keuken staan wint het van zijn groene arm en word hij steeds handiger met links.


De afgelopen dagen zijn we druk geweest met het vinden van een auto. Urenlang het internet afspeuren, iets vinden en kilometers rijden om er vervolgens achter te komen dat het niks is. Vermoeiend, maar het heeft resultaat geboekt. We hebben een andere auto! Vervolg volgt.
Nu eerst pizza.


En dan kunnen we weer verder.
Eet smakelijk.
Wind en regen. Heel veel regen.
‘Thuisblijf weer’ als je het mij vraagt. Dit weekend hebben wij de verwarming wat hoger gezet en vergeten speelgoed achter uit de kast eens opnieuw getest.


Over drie weken moet onze auto APK gekeurd worden. Het is vrijwel zeker dat wij onze auto niet met een pluim bij de APK Keurmeester weer kunnen ophalen. Hij is af. Hij wil niet meer. Verkopen zal ook geen optie zijn. Hij moet naar de sloop. Oké, het is geen moderne super auto, maar het was wel mijn auto. Een auto die Levi en mij heeft kunnen brengen naar waar wij naartoe wouden.
Ik ben niet een persoon dat gericht is op luxe of status, maar wel op veiligheid. Deze auto was goed genoeg voor ons, maar nu niet meer. Hij kan ons niet meer bieden wat wij nodig hebben en zijn wij toe aan vervanging. Zaterdag zijn wij wezen kijken naar een andere auto. Vijf deuren. Makkelijker met een kindje en kijkend naar de toekomst zal dat ook nodig zijn. Totdat wij iets anders hebben gevonden zullen wij nog rijden in Golf, maar niet meer voor lang.

Levi zat voor het eerst niet alleen, maar samen in bad.
Gezellig.



Onze portie patatjes gegeten bij oma.



En kreeg ik van Tijs nieuwe plantjes voor in mijn mand.

Nou is het alweer zondag en regent het nog steeds.
Ik heb de weerberichten nog niet gezien, maar ik hoop op droger en beter weer.
Een fijne laatste weekend dag. Liefs
Nu langzamerhand geestelijk en emotioneel mijn hoofd ‘reinigt’, krijg ik ook behoefte aan lichamelijke reiniging. Even helemaal schoon. Resetten. Ik ben het huis aan het opruimen, ik ben geestelijk aan het opruimen, maar de lichamelijke opruiming ontbreekt nog.
Vanmorgen in mijn winkelwagen;

Een klein begin.
Ik reinig van binnen. Levi reinigt van buiten.



Om te kunnen reinigen, moeten we wel eerst vies worden.
Geen probleem.




Conclusie; een grote schoonmaak. Geestelijk, lichamelijk en in en rondom het huis.
Ons doel; schoon zijn. Geestelijk, lichamelijk en in en rondom het huis.
We zijn al een eindje op weg. Nu het nog afmaken. We doen ons best.

Liefs.
‘When someone you love becomes a memory, the memory becomes a treasure’.
Er komt een dag waarin ik terugkijk op nu en met al mijn gevoel en verstand kan zeggen: ‘Het is goed zo’. Tenminste dat hoop ik. Daar werk ik aan.
De afgelopen weken heb ik als zwaar en vermoeiend ervaren. De gesprekken bij het Fiom gaan niet alleen over het verlies van Heaven, maar over zoveel meer. Mijn hele ik. Kim. Wie ik was, wie ik ben en wie ik wil worden. Belangrijker nog; waarom was ik wie ik was. Waarom ben ik wie ik ben. En waarom wil ik worden zoals ik in de toekomst wil zijn. Ik ben aan het zoeken naar antwoorden en naar verklaringen. Er komt gevoel en besef boven tafel, waarvan ik niet wist dat het er was. Confronterend. Zo zal ik de gesprekken omschrijven. Na de eerste gesprekken snapte ik niet wat voor nut het kon hebben. ‘Na afloop ben ik toch alleen maar boos en verdrietig’. Maar ik heb volgehouden.
Nu de eerste buien van woede en verdriet voorbij zijn, zie ik in dat die confrontatie een positieve draai begint te krijgen. Ik begin het te snappen. Ik begin in te zien waarom ik boos reageer op dingen, zonder dat ik er zelf een verklaring voor heb. Ik begin in te zien, waarom ik uit het niets begin te huilen. Ik begin mezelf te snappen. Een vooruitgang.
Om de geboorte en het overlijden van Heaven te kunnen verwerken, zal ik eerst Kim moeten begrijpen. Kim kunnen zijn. De echte Kim. Niet de gevormde Kim, maar Kim zoals ze eigenlijk is. En daar ben ik mee bezig. Voor Heaven. Heaven verdient dit. Ik moet Heaven niet wegstoppen. Heaven verdient onze herinnering, zoals Tijs tegen mij zegt. Heaven heeft recht op onze dierbare herinneringen aan hem, want hij is onze zoon en broertje.
Niet tastbaar. Wel herinner baar.



Ondertussen probeer ik te genieten. Niet binnen blijven zitten. Naar buiten. Levi de ruimte en frisse lucht geven. Levi een kind laten zijn.
Spelen en vies worden.


Levi heeft een maatje gevonden. Een vriendinnetje.


De kleinste die ook mee is word omgetoverd tot een beertje en geniet ook van de frisse lucht.



Ik heb het zwaar en ben af en toe verdrietig. Geen reden om Levi niet te geven waar hij recht op heeft.
Hij houd mij op de been. Voor hem kom ik mijn bed uit en geniet ik elke dag. Het is moeilijk, maar we moeten door.
Soms met een traan en soms met een lach. Het geeft niet. Als we maar samen zijn.
Liefs.
Het is vijf uur als ik wakker word en op mijn telefoon kijk. Levi huilt in de kamer naast ons. ‘Alweer zo vroeg?, denk ik slaperig.
Levi is onderhand zestien maanden oud en slaapt nog steeds slecht. Hij word ‘s nachts vaak wakker en zijn dag begint vrijwel elke ochtend voordat de rest van de wereld ontwaakt. Ik bleef zeggen dat het vanzelf wel zou veranderen. ‘Dit gaat wel weer voorbij’. Nu zestien maanden later houd ik mijn mond. Elke avond als ik Levi instop ga ik er vanuit dat hij minstens zal slapen tot zeven uur. ‘Altijd positief blijven’, denk ik met een gemaakte glimlach. Stiekem ben ik al zestien maanden moe en verlang ik naar ‘normale’ nachten. Waarschijnlijk zal ik voorlopig moeten accepteren dat dit nu mijn normale nachten zijn.
Zo dus ook vandaag.
Vijf uur.


Na een ontbijt en de nodige koffie maken wij ons klaar voor buitenlucht.
Het is mooi buiten. Het heeft vannacht licht gevroren en ik kan niet wachten om Levi met zijn muts in de nog verse vrieskou te zien.


Muts op, sjaal om en een jas aan.
Wij gaan naar buiten.
Ik heb geen bestemming en laat Levi maar gaan. Hij mag bepalen welke kant we op gaan en ik volg.







Zo lief. Zo schattig. Die kleine beentjes door het bevroren gras. Hij heeft geen idee waar hij heen wil en dwarrelt wat rond.
Eindelijk een gevoel van januari. Het gevoel van winter. Ik heb dit gemist en we genieten dubbel zoveel als we weer binnenkomen voor een glas warme melk.
‘Morgen weer?’.

Liefs
Zaterdag patatdag. Al jaren een vreemde traditie in ons gezin.
Vreemd, maar wel lekker.



Uitbuiken bij opa op schoot met een boekje.
Het is onweerstaanbaar zoals Levi sinds kort met een boekje in zijn handen hoopvol je kant op komt lopen met voorlees vragende oogjes. Ook al heb je drie boekjes binnenstebuiten tot vervelends aan toe doorgelezen, zijn oogjes vragen; ‘Alsjeblieft, nog één keer?’. En je bent om.
Oké, nog één keertje dan.


Stiekem nog een kusje.


En klaarmaken om weer naar huis terug te gaan.
Schoentjes zoeken en spenen verzamelen.




‘DaDa’, zoals wij dat zeggen.
Wist je dat de Nederlandse vrijdag de dertiende in Griekenland op dinsdag de dertiende is? En dat het woord ‘ongeluksgetal’ dertien letters heeft? En wist je dat de officiële benaming van angst voor vrijdag de 13e Paraskevidekatriafobie is?
Nee, ik ook niet.
Eerlijk gezegd heb ik er ook niets mee. Vrijdag de dertiende. Voor mij een zelfde dag als donderdag de twaalfde. Een dag waarin ik mij misschien nog wel beter heb gevoeld dan woensdag de elfde. Een dag net als gister en net als morgen. Een dag vrij van ongelukken.
Een dag van plezier.



Als ik achter de computer zit wil ik mijn buurvrouw, die ik tegenwoordig meer zie als een vriendin dan een verre buur, een bericht sturen via de computer. Gek. Ze woont een paar huizen verderop. Waarom niet ouderwets aanbellen en het bericht persoonlijk vertellen.

‘Levi’, roept haar dochtertje als we binnenkomen. Ze hebben elkaar weer gevonden. Wij drinken koffie en zij spelen.

Ondertussen wordt haar kleinste wakker en de hondjes zijn onrustig. ‘Anders nemen wij haar even mee’, stel ik voor. ‘Heb jij een uurtje tijd voor jezelf en kunnen deze twee spelen’.
Zo gezegd zo gedaan. We spelen bij ons.



Als Levi begint te klappen, doen wij hem na. Voor hem het mooiste wat er is.




Tegen de middag gaan we naar boven en leggen we Levi op bed. Tijd voor zijn middagslaap. We sluipen de trap af en met het buurmeisje loop ik hand in hand terug naar haar huis en lever haar weer af bij haar moeder. Tijd om te gaan slapen.

Conclusie; Vrijdag de dertiende. Een perfecte dag.
Een geluksdag.


Nee. Het is nog geen één april en dit is geen flauwe grap. Deze foto’s zijn pure werkelijkheid. Het is waar; ik heb vandaag Levi zijn prachtige, volmaakte, volle bos krullen geknipt.
Heb ik gehuild? Ja, ik heb gehuild.
Ik weet zeker dat de mensen in mijn omgeving met een scheef hoofd zullen vragen: ‘Kim!, waarom?!’ Hoe heb je dat kunnen doen?!’. Een logische reactie. Levi zijn krullen maakten hem tot Levi. Het werd zijn ding. Levi met die mooie rode krullen. Iedereen op straat keek hem na. Oudere dames namen de moeite om naar ons toe te lopen om te vertellen hoe weg ze waren van zijn mooie haartjes. Nu niet meer.
Hoe mooi zijn krullen ook waren, er zaten ook nadelen aan. Als ik al de moeite nám om met Levi de strijd aan te gaan om zijn haar te borstelen, werd het één pluizige haardos waar geen gel tegenop kon. Borstelen zat er dus niet in met als gevolg; onmogelijke klitten achterop zijn hoofd. Vanmiddag zat ik met Levi op de bank en ik aaide hem over zijn hoofdje. Ik stopte gelijk bij een gil van hem. Mijn vinger zat vast in zijn rommelige krul. ‘Knip er gewoon een stukje af’, zei Tijs. Ik stond op en pakte een schaar.




Ik heb het gedaan. Een week geleden had ik je uitgelachen als je tegen me gezegd zou hebben dat ik vandaag zijn haar zou knippen. Toch is het gebeurd. Impulsief. Levi is bevrijd van zijn akelige klitten. Ik kan weer met hem knuffelen en mijn vingers weer door zijn haar halen. Heerlijk. En ach, voordat ik het doorheb zit het er alweer aan.We komen er wel weer overheen en er gebeuren ergere dingen in de wereld.
Zoals een klein kortharig boefje die zijn twee onmisbare spenen in het vollopende bad gooit aan het eind van de middag.






Aap en Konijn hebben hun nodige wasbeurt gehad en de middag doorgebracht op de verwarming. Een half uurtje voordat Levi naar bed ging heeft Tijs ze nog verwend met de föhn. Ze waren op tijd droog.
Gelukkig. Levi, Aap en Konijn kunnen rustig en schoon naar bed.
Al met al een geknipte dag.
Liefs
Voordat ik het doorheb staat hij al buiten. In de tuin. Bij het hek.
Het hek staat open. Te laat. We moeten erachteraan.


We pakken hem op en zetten hem met zijn neus in de goede richting. Richting de supermarkt.
Maar het helpt niet.
Hij is alweer weg.


Zijn beentjes beginnen een eigen leven te leiden. Het onderstel van Levi bepaalt een richting en het bovenstel volgt.
In het begin maakte ik mij druk om net gewassen broekjes die gelijk in de modder belandden en bij thuiskomst regelrecht de wasmachine weer inkonden. Nu niet meer. Het heeft geen zin. Ik laat hem maar geworden en pak thuis wel weer een ander broekje.
Op de terugweg vanaf de supermarkt zeggen we gedag tegen de geitjes.
Ze zeiden niks terug.
Voor Levi geen reden om niet te ravotten.




Als ik hem zo zie ben ik volledig gelukkig.
Als hij geniet, geniet ik ook.



Moederliefde.
Het mooiste wat er is.
Ontlading aan het einde van de dag.
Warm water en veel schuim.
Badderen.





Vanmiddag zijn we bezig geweest om Levi zijn kamer op te ruimen. De stofzuiger en een sopje mee naar boven en schoonmaken. Het klinkt vrij simpel ,maar met een klein monstertje erbij blijft het vaak een troep.
Het is niet handig om de deur van je kledingkast open te laten staan. Ik ruim het op, Levi gooit het weer terug. Een vicieuze cirkel.
Lastig.




Ik kom het boekje tegen die ik Levi had willen voorlezen, omdat hij een broertje of een zusje zou krijgen. Gelijk voel ik die leegte weer.
Geen buitelende baby


Zo. Schoon. Nu gauw de deur dicht en laten zo.
Tijs en ik maken ons eigen bed gauw nog even op. Voor Levi een kans om te stoeien met het dekbed.



Na al het ‘harde werken’ eten we een broodje en nemen we de rest van de dag zoals hij komt.
Het is wel goed zo.


Liefs